RHEDEN – Het Bijenlint Veluwezoom wordt de komende tijd verder uitgebreid. Het project heeft daarvoor 30.000 euro subsidie gekregen van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). De initiatiefnemers willen meer plekken creëren waar wilde bijen en andere bestuivers voedsel kunnen vinden.
Het Bijenlint werd in 2025 opgezet door natuurorganisaties langs de zuidoostelijke Veluwezoom, met steun van de gemeenten Arnhem, Rozendaal en Rheden. In korte tijd sloten ongeveer 1000 tuineigenaren in de drie gemeenten zich bij het project aan.
Stapstenen voor bijen
Bijenlinten zijn plekken met planten die bijen veel voedsel bieden. De plekken liggen niet te ver van elkaar. Daardoor vormen ze samen een soort lint waarlangs bijen en andere bestuivers, zoals zweefvliegen en vlinders, zich kunnen verplaatsen.
De deelnemende tuineigenaren zorgen voor pesticidevrije en inheemse planten in hun tuin. Zo ontstaat een netwerk van plekken waar bestuivers voedsel en leefruimte vinden.
Het Bijenlint Veluwezoom krijgt nu de mogelijkheid om dat netwerk verder uit te breiden.
Meer verbinding tussen groen
Herre Rost van Tonningen zegt dat het project het komende jaar flink moet groeien.
“Ons doel is om Bijenlint Veluwezoom het komende jaar sterk in omvang te vergroten. We streven naar nog meer stapstenen voor bestuivers met onbespoten, liefst inheemse planten. Ook willen we bestaande groeninitiatieven beter met elkaar verbinden, zoals Groep Rijkerswoerd en diverse groengroepen in Velp, Rheden, Ellecom en Dieren.”
De subsidie maakt deel uit van een landelijke regeling voor projecten die zich richten op het behoud en herstel van populaties wilde bijen en andere bestuivende insecten. In totaal kregen 26 projecten subsidie. Negen daarvan liggen in Gelderland.
Belang voor biodiversiteit en voedsel
Met wilde bijen en andere bestuivende insecten gaat het in Nederland al langere tijd slecht. Zowel het aantal soorten als het aantal bijen neemt af. Natuurorganisaties, inwoners en overheden proberen die ontwikkeling onder meer met bijenlinten te keren.
De achteruitgang van bestuivers vormt een bedreiging voor de biodiversiteit. Ecosystemen met steeds minder soorten en aantallen worden instabieler. Daardoor neemt ook de kans op ziektes en plagen toe.
Bestuivers zijn bovendien belangrijk voor de voedselvoorziening. Meer dan 70 procent van de voedselgewassen wordt bestoven door bijen, vlinders en zweefvliegen. Als die natuurlijke bestuiving wegvalt, kan het aanbod van voedsel afnemen en kunnen de prijzen flink stijgen. Dat kan volgens de initiatiefnemers grote gevolgen hebben voor de stabiliteit van de samenleving.
Zie ook: Onderzoek naar bijenlint tussen Veluwezoom en IJssel
Zie ook: Meer dan 550 tuinen vormen samen een bijenlint



















