Column: Veiligheid begint bij de stoep

column: Alma Veritas Foto: Alma Veritas
column: Alma Veritas Foto: Alma Veritas

RHEDEN – In de zeven dorpen van de gemeente Rheden zijn slechte stoepen voor veel inwoners een dagelijkse ergernis. Maar wanneer wordt die ergernis een veiligheidsprobleem? En wie neemt daarvoor de verantwoordelijkheid?

Een stoep is bedoeld voor voetgangers. Toch moet je in onze gemeente soms flink manoeuvreren om van A naar B te komen. Losliggende tegels, verzakkingen, boomwortels en heggen die steeds meer openbare ruimte opeisen. Daar tussendoor staan auto’s, bestelbusjes en fietsen. De voetganger mag kijken waar nog een gaatje over is. Welkom op het trottoir.

Voor wie goed ter been is, valt er misschien nog omheen te lopen. Maar probeer dat eens met een rollator, een scootmobiel of een kinderwagen. Of wanneer je slechtziend bent. Dan is een opstaande tegel geen onschuldig detail, maar een serieus obstakel. En met natte bladeren en vroege duisternis in aantocht wordt het er niet veiliger op. Je zou bijna denken dat je voor een wandeling eerst een risicoanalyse moet maken.

Ook de gemeente heeft iets over de staat van de openbare ruimte vastgelegd. In de Nota Kapitaalgoederen Openbare Ruimte staat dat wegen op kwaliteitsniveau C worden onderhouden. In gewone mensentaal: de gemeente accepteert dat de kwaliteit niet overal goed is en dat gebreken kunnen voorkomen. Het is het één na laagste onderhoudsniveau. De nota benoemt zelf dat verzakkingen, losliggende tegels en boomwortels de toegankelijkheid kunnen verminderen en het risico op vallen kunnen vergroten.

Dan is de vraag toch gerechtvaardigd: hoeveel risico vindt de gemeente aanvaardbaar als het om de veiligheid van inwoners gaat?

De gemeente heeft te maken met beperkte budgetten en moet keuzes maken. Maar keuzes zeggen ook iets over prioriteiten. Als veiligheid hoog in het vaandel staat, moet dat dan niet juist zichtbaar zijn op straat? Niet alleen in beleidsstukken, maar op de route naar de supermarkt, de bushalte of de huisarts.

En laten we vooral niet doen alsof alle verantwoordelijkheid bij de gemeente ligt. Een heg snoeit zichzelf niet, hoe voortvarend hij ook de stoep verovert. Een fiets hoeft niet midden op het voetpad te staan en een bestelbus is niet ineens voetgangersvriendelijk omdat de chauffeur zegt dat hij maar twee minuutjes nodig heeft. Die twee minuten blijken soms een bijzonder rekbaar begrip.

Het begint dus ook bij rekening houden met elkaar. Alleen: als iedereen een stukje stoep voor zichzelf opeist, blijft er voor de voetganger steeds minder over. En die heeft doorgaans geen andere openbare ruimte achter de hand.

We vinden het vanzelfsprekend dat kinderen veilig naar school moeten kunnen. Maar geldt dat ook voor ouderen die zelfstandig boodschappen willen doen, mensen met een visuele beperking en ouders met een kinderwagen? Of verwachten we dat zij zich aanpassen aan obstakels die er helemaal niet zouden moeten staan?

En wanneer wordt een slechte stoep meer dan een onderhoudsvraag? Wanneer iemand valt? Wanneer een scootmobiel niet verder kan? Of mag je van een gemeente verwachten dat zij risico’s aanpakt vóórdat iemand de gevolgen ondervindt?

Wie veiligheid serieus neemt, zorgt dat inwoners veilig over straat kunnen. Ook in de gemeente Rheden. Daarvoor zijn geen mooie woorden nodig, maar daden. Want een inwoner hoort niet eerst te vallen voordat de gemeente in beweging komt.

Alma Veritas

(Kritisch, met een knipoog)