RHEDEN – Wat doet Rheden als Den Haag opnieuw aanklopt met de vraag om meer mensen op te vangen? Zegt de gemeente ja, of is er een grens? En wie bepaalt eigenlijk waar die ligt?
Stel je voor: morgen valt er een brief op de deurmat van het gemeentehuis.
Geachte gemeente Rheden, we hebben opnieuw een probleem. Zou u misschien…
Ik ben vooral benieuwd naar de rest van die zin.
Want wat doet de gemeente Rheden als Den Haag opnieuw vraagt om meer opvangplekken?
Zegt Rheden: natuurlijk, we helpen waar we kunnen?
Of klinkt er dit keer een iets minder hartelijk: “Ho eens even.”
Rheden doet al mee. Er zijn opvanglocaties, afspraken, verlengingen en plannen. Dat weten we inmiddels wel. Maar wanneer is genoeg eigenlijk genoeg?
Dat is een lastige vraag.
Natuurlijk moeten mensen die gevlucht zijn en bescherming nodig hebben niet zomaar aan hun lot worden overgelaten. Een fatsoenlijke samenleving neemt verantwoordelijkheid.
Maar verantwoordelijkheid heeft misschien ook een grens.
Want ondertussen zijn er inwoners van Rheden die al jaren wachten op een woning. Starters die nog steeds thuis wonen. Gezinnen die geen passende woning kunnen vinden. Mensen die zich afvragen wanneer zij eindelijk eens aan de beurt zijn.
En daar ontstaat de wrijving.
Niet per se omdat mensen geen vluchtelingen willen helpen.
Maar omdat ruimte schaars is.
Zolang er genoeg is, zijn we allemaal ruimhartig. Maar zodra er drie mensen voor één woning staan, wordt solidariteit ineens een stuk ingewikkelder.
Je kunt vóór opvang zijn en tóch vragen hoeveel een gemeente kan dragen.
Je kunt vinden dat Rheden verantwoordelijkheid moet nemen en tóch willen weten waar de grens ligt.
Dat lijkt me geen hardvochtigheid.
Dat lijkt me een gesprek.
En juist dat gesprek zou ik graag eens horen.
Want stel dat Den Haag opnieuw aanklopt. Wat zegt Rheden dan?
Ja?
Nee?
Of volgt er een zorgvuldig bestuurlijk antwoord over “het blijven voeren van het gesprek met alle betrokken partijen”?
Dat klinkt verstandig.
Maar als inwoner denk je soms: prima, maar wat betekent dat nou gewoon?
“Het gesprek blijven voeren” is toch een beetje de bestuurlijke versie van: we bellen u nog.
Daarom deze vraag niet alleen aan het gemeentebestuur, maar ook aan de inwoners van Rheden.
Want ook in onze zeven dorpen bestaan verschillende meningen.
De een zegt: we hebben al genoeg gedaan.
De ander zegt: we kunnen best nog iets betekenen.
Een derde zegt: prima, maar vergeet ondertussen onze eigen woningzoekenden niet.
En misschien is juist dát het gesprek dat gevoerd moet worden.
Niet wie de woning het meest verdient. Daarmee zetten we mensen tegenover elkaar.
Maar waarom er überhaupt zo weinig ruimte is.
Voor woningen. Voor starters. Voor ouderen. Voor bedrijven. Voor mensen die hier al wonen. En voor mensen die hier noodgedwongen terechtkomen.
De gemeente kan besluiten nemen. Dat hoort bij besturen.
Maar één ding kun je niet vaststellen in een raadsbesluit:
draagvlak.
Dat moet je verdienen.
Door uit te leggen wat je doet. Door eerlijk te zijn over wat het betekent. Door inwoners serieus te nemen. En door niet te doen alsof een moeilijke keuze vanzelf makkelijker wordt zodra hij in een beleidsstuk staat.
Dus, gemeente Rheden: als Den Haag weer aanklopt, wat zegt u dan?
En inwoners van Rheden: wat vindt ú dat het antwoord moet zijn?
Want misschien is dát uiteindelijk de lastigste vraag.
Niet hoeveel mensen we nog kunnen opvangen.
Maar:
wanneer vinden wij dat het genoeg is — en wie durft dat hardop te zeggen?
Alma Veritas
(Kritisch met een knipoog)








