RHEDEN – In Rozendaal heeft bijna 15 procent van de koopwoningen een warmtepomp. In Rheden ligt dat aandeel op ruim 9 procent. Daarmee lopen beide gemeenten voor op veel andere plaatsen in de regio. Dat blijkt uit onderzoek van Studio Rheden en Independer naar gesubsidieerde warmtepompen in Nederland.
Grote verschillen in de regio
In heel Gelderland gaat het om bijna 50.000 koopwoningen met een ISDE-gesubsidieerde warmtepomp. Gemiddeld heeft 9,3 procent van de Gelderse koopwoningen zo’n installatie. Het aantal gesubsidieerde warmtepompen steeg in 2025 nog met 24 procent.
Binnen de provincie zijn de verschillen groot. Studio Rheden zocht het uit. Koploper is Berkelland met 15,0 procent van de koopwoningen. Landelijk staat Aa en Hunze in Drenthe bovenaan met 18,1 procent.
Ook in de regio rond Rheden zijn de verschillen duidelijk zichtbaar:
•Rozendaal: 14,8% van de koopwoningen
•Voorst: 12,7%
•Renkum: 12,2%
•Bronckhorst: 11,4%
•Brummen: 11,3%
•Rheden: 9,4%
•Apeldoorn: 8,6%
•Doesburg: 8,2%
•Arnhem: 6,9%
•Westervoort: 5,7%
•Duiven: 4,2%
Verklaring voor groei
Volgens Independer spelen gestegen energieprijzen een belangrijke rol in de groei van warmtepompen.
“Sinds onder andere de oorlog in Oekraïne zijn zowel de gas- als stroomprijzen flink toegenomen, maar elektriciteit is relatief minder gestegen dan gas. Dat maakt een elektrische warmtepomp extra interessant, zeker omdat deze apparaten heel efficiënt stroom omzetten in warmte. Je bespaart dus veel geld ten opzichte van het stoken op gas“, zegt Independer.
Ook wordt benadrukt dat de cijfers alleen gaan over gesubsidieerde warmtepompen in koopwoningen.
“In ons onderzoek is gekeken naar de gesubsidieerde warmtepompen. Het gaat dan enkel om koopwoningen, zonder woningen die in een VvE zitten. In theorie hoef je geen subsidie aan te vragen voor een warmtepomp. Maar in de praktijk gebeurt dit natuurlijk meestal wel, want anders laat je geld liggen. Het werkelijke aantal geïnstalleerde warmtepompen zou dus nog hoger kunnen liggen”, aldus Independer.








